Onderzoekers van KU Leuven, UC Louvain en Steunpunt tot bestrijding van armoede onderzochten de langetermijneffecten van sociale uitkeringen bij 70.000 mensen. Hun besluit is verrassend: hogere werkloosheidsuitkeringen verhogen de kansen op het vinden van werk, op beter wonen en betere gezondheid.
Het bericht verscheen voor het eerst maandag 2 februari in De Morgen, maar kreeg verder weinig aandacht. Het onderzoek ging bovendien over meer dan de aanpak van werkloosheid. Hogere sociale uitkeringen verhogen ook de kansen op beter wonen en hebben een gunstig effect op de gezondheid.
Wonen en gezondheid verhogen op hun beurt de kansen om werk te vinden, wat uiteindelijk ook in het voordeel is van de economie. Toch doet de federale regering het omgekeerde: alle sociale uitkeringen verlagen, de voorwaarden verstrengen, controles opdrijven en de duur van werkloosheidsuitkeringen beperken tot twee jaar.
Professor sociaal beleid Ides Nicaise komt op basis van een studie van KU Leuven tot deze verrassende conclusie. Werkloosheidsuitkeringen en andere sociale uitkeringen moeten volgens hem minstens omhoog naar 1500 euro, tot het niveau van de Europese armoededrempel.
Nu ligt het Belgische leefloon op 1300 euro per maand voor een alleenstaande steuntrekker. Wie ‘sociale fraude’ pleegt door het mooiste te doen wat een mens kan doen, namelijk gaan samenleven met een geliefde partner, wordt daar echter zwaar voor bestraft. De uitkering wordt snel en onverbiddelijk ingetrokken.
Van opinies en feiten
Volgens de N-VA, CD&V en Vooruit zijn de huidige uitkeringen voor werkloosheid te hoog. Ze moeten nog meer omlaag om werklozen er zo toe te brengen werk te aanvaarden dat hen wordt ‘aangeboden’. Het is een mantra dat na ettelijke jaren herhaling zo vanzelfsprekend is gaan klinken dat het bijna als een ‘feit’ wordt aangevoeld, niet als een ‘opinie’. Het omgekeerde stellen voelt bijna contra-intuïtief aan.
Ernstig wetenschappelijk onderzoek van meerdere jaren heeft echter aangetoond dat het omgekeerde waar is: hogere uitkeringen voor werklozen helpen mensen sneller aan een baan en helpen hen sneller terug te integreren in de actieve maatschappij.
Het gaat daarbij om veel meer dan het helpen van mensen in armoede met een ruimere toelage, zoals in De Morgen wordt beargumenteerd. Degelijke uitkeringen hebben niet alleen een gunstig effect op werkkansen, maar verhogen ook de kansen op beter wonen en hebben een positieve impact op de gezondheid.
“Het versassen van langdurig werklozen van de werkloosheidsverzekering naar de bijstand (dreigt) meer armoede te produceren”
Het onderzoek van Re-inVEST, het samenwerkingsverband van KU Leuven, UC Louvain en het Steunpunt tot bestrijding van armoede, stelt duidelijk dat: degelijke sociale uitkeringen “laten (hen) toe om te blijven investeren in hun gezondheid, opleiding, mobiliteit, connectiviteit, in hun kinderen en in leefbaar wonen”.
Zo geraken ze sneller terug duurzaam aan de slag en uit de armoede. Te lage uitkeringen, daarentegen, “drijven vooral (maar niet uitsluitend) de laagste inkomens en personen met een handicap in een neerwaartse spiraal van schuldenlast”.
Een voorbeeld uit velen. Een alleenstaande moeder verliest haar baan als huishoudhulp wegens rugproblemen, heeft geen geld voor kinesitherapie zodat ze niet beter wordt, kan de huur niet betalen en moet noodgedwongen verhuizen naar een ‘goedkopere’ schimmelwoning, heeft geen geld voor kinderopvang en geen geld voor de bus zodat ze weer een verplicht sollicitatiegesprek mist, zakt weg in een depressie en verliest haar werkloosheidsuitkering wegens ‘onvoldoende inzet’ om werk te zoeken.
Dat voorbeeld laat zien dat lagere uitkeringen een negatieve impact hebben op de kwaliteit van wonen en op de gezondheid, zodat mensen nog minder in staat zijn om werk te zoeken. En als een laaggeschoolde werkzoeker dan toch een slecht betaalde en onzekere baan aanvaardt (of opgelegd krijgt) blijkt het loon onvoldoende om de kosten van kinderopvang en de bus naar het werk te compenseren.
Nogmaals daarover het onderzoeksrapport: “Het versassen van langdurig werklozen van de werkloosheidsverzekering naar de bijstand (dreigt) meer armoede te produceren, eerder dan de terugkeer naar het werk te bevorderen”.
Officiële cijfers onderschatten armoede
Daarnaast wijst het onderzoek op de uitholling van de sociale zekerheid: “Binnenkort zal meer dan de helft van de werklozen geen recht meer hebben op een werkloosheidsuitkering; in 2024 bedroeg het aantal gerechtigden op het ‘Recht op Maatschappelijke Integratie (RMI)’ 14,9 per 1000 inwoners – tegenover 8,5 per 1000 in 2007 (…) bijna één op twee huishoudens met een inkomen beneden de leefloongrens (46 procent) blijkt geen leefloon te ontvangen”.
Met andere woorden: de officiële cijfers over steuntrekkers onderschatten de werkelijke armoedecijfers. Bovendien worden de voorwaarden om sociale steun te verkrijgen steeds strenger; ook de controles nemen toe, net als het aantal opgelegde sancties.
“Het feit dat, ondanks de stijgende cijfers over het aantal gebruikers, de niet-dekking door het RMI als laatste vangnet na een halve eeuw nog steeds circa 46 procent bedraagt, spreekt boekdelen: het wijst op een ernstige mismatch tussen de regelgeving en de behoeften van de doelgroep.”
Waarom die halsstarrigheid, Vooruit, CD&V en N-VA?
Wanneer ernstig onderzoek aantoont dat de strijd tegen werkloosheid en tegen armoede beter ‘werkt’ met hogere uitkeringen en dat dit daarenboven de economie ten goede komt omdat meer mensen aan werk raken, waarom zijn de politieke krachten dan zo hard van het tegendeel overtuigd?
Omdat deze economische meeropbrengst van een sociaal actieve overheid wordt verdeeld over de hele maatschappij en niet exclusief naar de top gaat. Hogere uitkeringen of eerlijk betaald werk verhoogt de levensstandaard van de laagste klassen.
De ijver waarmee werklozen, armen en langdurig zieken worden aangepakt is recht evenredig met hun ijver om fiscale fraude te negeren
Echte armoedebestrijding, echte bestrijding van werkloosheid brengt de toplaag van de maatschappij niets op. Bovendien, armoede en werkloosheid is in feite goed voor mensen aan de top van de financiële pyramide. Het zet werkende mensen immers onder druk om nog lagere lonen te aanvaarden.
De ijver waarmee werklozen, armen en langdurig zieken door de federale regering van Vooruit, CD&V en N-VA worden aangepakt met telkens weer nieuwe bijkomende voorwaarden en strengere controles is recht evenredig met hun ijver om fiscale fraude te negeren.
De voorbije 20 jaar is, ondanks economische groei en bedrijfswinsten, de armoede slechts gedaald van 22,6 in 2005 naar 18,2 procent in 2024. Bijna één op vijf Belgen leeft nog steeds in armoede, in een van de meest welvarende landen ter wereld.
De huidige federale regering onder leiding van Bart De Wever (N-VA) is de meest fanatiek neoliberale sinds 1980. N-VA, CD&V en Vooruit hebben het recht op werkloosheidsuitkering tot 2 jaar beperkt. Voor wie de uitkering nog krijgt, was ze al laag en wordt ze nog verminderd.
Tussen 1 januari 2026 en 31 december 2027 zullen ongeveer 180.000 mensen hun werkloosheidsuitkering verliezen. De echte oorzaken van hun werkloosheid worden niet aangepakt. Binnen een jaar mag een stijging van de armoedecijfers verwacht worden.