Michael Parenti: straatboefje wordt links voorvechter

Michael Parenti

(foto www.michaelparenti.org)

FacebooktwitterFacebooktwitter

De Amerikaanse progressieve analist, Michael Parenti, auteur van vele boeken over het politieke systeem van de VS, schreef zijn autobiografie. ‘Waiting for Yesterday’ neemt je mee op stap van zijn jeugd in New York tot zijn roots in het Italiaanse Puglia. Politiek engagement met warmte geschreven.

Michael Parenti is voor progressieve Amerikanen geen onbekende. Tussen 1969 en 2013 publiceerde hij 25 boeken, schreef talloze artikels en essays en gaf duizenden lezingen over heel de VS. Net als andere progressieve Amerikaanse stemmen was hij een nooit gevraagde gast in de grote media. Dat belette niet dat hij voortdurend werd gevraagd om te komen spreken. De laatste jaren leidt hij om gezondheidsredenen een meer teruggetrokken leven.

Buiten progressieve kringen in de VS is hij minder bekend. Parenti heeft nooit de faam bereikt van iemand als Noam Chomsky. Dat is onterecht. Hij is immers een charismatisch spreker die diepe verontwaardiging weet te combineren met humor en zelfrelativering. Parenti’s politieke analyses behoren tot het beste dat de Amerikaanse progressieve wereld in de voorbije veertig jaar heeft voortgebracht.

Hij heeft voor dat jarenlange engagement een zware prijs betaald. Zijn academische carrière is nooit geworden wat ze voor iemand met Parenti’s capaciteiten had kunnen zijn. Dat had alles te maken met zijn kritiek op het Amerikaanse politieke systeem en op de rol van collega-intellectuelen in dat systeem.

Kennismaking met een warm mens

Voor hen die de man al kennen, is deze autobiografie een aangename kennismaking met de mens achter de boeken. Wie Parenti nog niet kende, ontdekt door Waiting for Yesterday een zeer warme mens, voor wie politiek engagement en levensvreugde hand in hand gaan.

Michael Parenti werd geboren in 1933 tijdens de Grote Depressie in het Italiaans-Amerikaanse deel van de New Yorkse wijk Harlem, nu overwegend Afrikaans-Amerikaans. In die buurt ging hij naar een jeugdhuis dat Haarlem House heette, met twee a’s, verwijzend naar de Nederlandse oorsprong van de stad.

Die etnisch diverse geschiedenis van zijn buurt, zijn stad, zijn land is de rode draad doorheen dit boek. Minderheden vochten voor een eerbaar bestaan en deden dat met de povere middelen die ze hadden. Het waren allen mensen uit de lagere klassen, arbeiders, loonwerkers, kleine ‘echte’ zelfstandigen. Allen moesten zij opboksen tegen vooroordelen, terwijl ze er zelf ook hadden tegen anderen.

Michael Parenti zet met talrijke anekdotes uit zijn eigen leven, soms heel komisch, een aantal clichés over Italiaans-Amerikanen (en over andere minderheden) op een rijtje en confronteert er de lezer mee. Italianen zouden familiemensen zijn en van lekker eten houden, toch? Zeker waar, maar welk volk doet dat niet?

Vooroordelen

Op school, op straat, op de radio (tv kwam pas later) hoort Michael Parenti voortdurend denigrerende opmerkingen over die enorme Italiaanse gezinnen, terwijl zijn eigen thuis (hij was enig kind) en zowat ieder ander Italiaanse gezin in zijn wijk nooit meer dan twee of drie kinderen hadden.

De jonge Parenti dacht daarover na. Hij zag zo al vrij jong in dat grote introverte families in feite een kenmerk waren van arme landbouwersgezinnen, mensen van eender waar op het platteland, Ieren, Polen, Duitsers, Finnen (het waren toen nog bijna uitsluitend Europese immigranten), mensen die in de vreemde stad een houvast vonden in uitgestrekte families. Typisch Italiaans?

Zijn buurtbewoners waren allemaal harde werkers, eenvoudige mensen die het woord ‘maffia’ niet kenden. Zelf hoorde hij het voor het eerst in de cinema. De leefomstandigheden waren allesbehalve schitterend. En niet iedereen bleef. Van de miljoenen Italianen (en andere volkeren) die naar de VS emigreerden keerden er ook honderdduizenden terug, een fenomeen waar nauwelijks iets over wordt geschreven in Amerikaanse geschiedenisboeken.

Italiaans? Ik?

Zijn grootvader langs vaderskant had weinig verheven redenen om te emigreren: Italiaanse legerdienst. Daar zat geen enkele ideologische overtuiging achter. “Opa had gewoon geen zin om zomaar zonder goede reden doodgeschoten te worden door vreemdelingen in een vreemd land.”

De meeste Italiaanse emigranten in zijn buurt voelden zich niet eens Italiaans. Ze voelden alleen verbondenheid met de regio waar ze vandaan