Belgisch klimatoloog Wim Thiery: “Drastische klimaatactie is dringend”

Wim Thiery geeft tekst en uitleg

Wim Thiery geeft tekst en uitleg (DeWereldMorgen.be)

FacebooktwitterFacebooktwitter

Recent werd jong klimaatwetenschapper Wim Thiery internationaal gelauwerd voor zijn vernieuwend onderzoek. DeWereldMorgen.be ging met hem praten over zijn werk en zijn toekomstvisie op de rol van de wetenschap in de strijd tegen de klimaatverandering.

Begin januari 2017, nauwelijks enkele dagen voor zijn dertigste verjaardag kreeg klimatoloog Wim Thiery internationale erkenning voor zijn wetenschappelijk werk. Het Amerikaanse tijdschrift Forbes stelt elk jaar de ‘30 under 30 Europe‘ op, een lijst van 30 Europese wetenschappers jonger dan 30 jaar die in de voorbije twee jaar baanbrekend en vernieuwend werk hebben verricht. Wim Thiery is er één van.

Milieufilosoof

Wim Thiery is een geboren en getogen Brabander uit Beersel. Hij studeerde filosofie en geografie – meer bepaald ‘Terrestrische Ecosystemen en Global Change’ – aan de KU Brussel, de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en de KU Leuven. Na zijn studies was hij van 2011 tot 2015 onderzoeker aan de KU Leuven en ontwikkelde hij een model van de regionale interactie tussen klimaat en de Grote Meren in Afrika.

Weerstation op het Kivumeer, op de grens tussen Rwanda en DR Congo, met op de achtergrond de stad Goma en de vulkaan Nyiragongo
Weerstation op het Kivumeer, op de grens tussen Rwanda en DR Congo, met op de achtergrond de stad Goma en de vulkaan Nyiragongo (Wim Thiery)

Sinds oktober 2015 onderzoekt hij land-klimaat interacties aan het Federal Institute of Technology (ETH) in Zürich. Vanaf januari 2017 combineert hij dit onderzoek met een aanstelling als professor op het departement Hydrology and Hydraulic Engineering aan de Vrije Universiteit Brussel. DeWereldMorgen.be ging met hem praten.

“Mijn interesse voor het leefmilieu is er eigenlijk altijd geweest, deels door mijn interesse voor de natuur rondom mij, deels door mijn opvoeding thuis en deels door de vrienden waar ik mee omging. Dat ging aanvankelijk niet echt bewust. Naargelang ik ouder werd begon dat een duidelijke vorm te krijgen, naarmate ik meer inzicht verwierf in wat er echt gaande is. ”

Historisch inzicht

“Na mijn humaniora was de keuze voor de studie van filosofie en dan in het bijzonder milieufilosofie dus bijna evident. Hoe heeft ons wereldbeeld bijgedragen tot waar we nu staan met het klimaat. Tijdens mijn studies kregen we ook heel wat historisch inzicht. Mensen onderschatten nog teveel hoe belangrijk het is het verleden te kennen, om het heden te begrijpen.”

“Ook tijdens mijn opleiding Geografie kreeg ik les over geschiedenis, maar dan de geschiedenis van het klimaat. Uit wetenschappelijk onderzoek van stoffen die heel oud zijn kunnen we veel leren. Jaarringen in zeer oude bomen bijvoorbeeld, maar nog meer uit ijsboringen. Mensen vragen zich soms af waarom we ons klimaat aan de Zuidpool moeten bestuderen. Wel, een van de vele redenen is dat je daar met diepe boringen ijs vindt dat honderdduizenden jaar geleden bevroor. We kunnen daaruit leren hoeveel CO2 er toen in de lucht en het water zat. Zo kan je dan modellen opstellen over de evolutie van het klimaatsysteem.”

Voorspellingen op lange termijn

“Wat wij doen is de evolutie van het klimaat voorspellen op lange termijn. Op basis van onderzoek ontwikkelen we wiskundige modellen die die evolutie in kaart brengen. Deze modellen steken we vervolgens in een supercomputer, die ons een idee geeft van wat de toekomst van het klimaat voor ons in petto heeft. Het gaat dan meer bepaald over voorspellingen voor de komende 30 à 100 jaar. We gebruiken daarnaast ook enorme databanken van satellietwaarnemingen.”

“Dat onderzoek is niet alleen maar globaal, maar ook regionaal van belang. Mijn onderzoek in de regio van de grote Meren in Centraal-Afrika is nuttig voor de gemeenschappen die daar van de visvangst leven. Op het land ontstaan tropische onweders en stormen in de namiddag wanneer de temperatuur het hoogst is. Op de meren gebeurt dat echter helemaal niet.”

“Integendeel, daar komen stormen ’s nachts voor, wanneer de temperatuur daalt boven het land maar niet boven de meren. Die stormen zijn bovendien zeer heftig en steken zeer snel op. Elk jaar komen in de regio 3.000 tot 5.000 vissers om het leven in hun prauwen omdat ze door die stormen worden verrast. Het gaat hier niet zomaar over kleine wateroppervlakken, het Victoriameer is tweemaal zo groot als België. Dat zijn in feite zoetwaterzeeën. De vissers geraken nooit op tijd weg als een storm opsteekt op een deel van het meer. Een zogenaamde ‘superstorm’ die daar nu gemiddeld om de 15 jaar voorkomt, zal onder een ‘business-as-usual’-scenario een jaarlijks fenomeen worden tegen het einde van deze eeuw.”

Grote Meren zijn hotspots van de klimaatopwarming

“Dat onderzoek is echter ook belangrijk voor het grotere geheel. In feite zijn die grote meren hotspots, plekken waar de gevolgen van de opwarming van de aarde het sterkst voelbaar zijn. Uit ons onderzoek leren we dat de aan- of afwezigheid van water een belangrijke rol speelt in het klimaat. In de Grote Meren gaat het over de watermassa’s. Grootschalige landbouwirrigatie in bepaalde regio’s heeft echter ook een impact op het klimaat.”

“Het zijn niet zozeer de gemiddelde temperaturen die daardoor beïnvloed worden, maar de extremen. Op zeer warme dagen heeft water een afkoelende werking, omdat de verdamping ervan veel energie vergt, energie die dan niet meer beschikbaar is om de lucht op te warmen. De dagtemperatuur blijft daardoor lager op die plaatsen waar grote hoeveelheden water aanwezig zijn.”

“Daar leren we al een aantal dingen uit. Eerst en vooral, zonder irrigatie zou het effect van de klimaatopwarming nog feller zichtbaar zijn. Water beïnvloedt bovendien ook de vruchtbaarheid van de bodem. Klimaatsverandering, waterbeschikbaarheid en voedselveiligheid komen dan ook samen in het irrigatievraagstuk.”

VN-informatie voor beleidsvoerders

IPCC Climate change 2013

“Het klimaatpanel IPCC van de VN verzamelt om de zeven jaar alle bestaande onderzoek over het klimaat. Het laatste rapport – het vijfde – dateert van 2013 (zie foto). De klimaatconferentie COP21 van Parijs in december 2015 heeft dit rapport als basis gebruikt voor zijn besluitvorming. Ons onderzoek wordt wellicht een onderdeel van het volgende rapport van 2020.”

“Politici en beleidsmakers die wel bereid zijn om iets te doen, hebben niet altijd de technische bagage om wetenschappelijke rapporten als dat van het IPCC, met haar jargon, tabellen en complexe figuren, te begrijpen. Daarom spant de VN zich in om het bestaande wetenschappelijk werk verstaanbaar en vooral bruikbaar te maken voor beleidsvoerders. Elk IPCC-rapport bevat een Summary for Policymakers speciaal voor hen van 28 pagina’s en een korte lijst met Headline Statements van amper 2-3 pagina’s, zo klaar voor gebruik.”

Bewijzen van menselijke impact zijn overweldigend

“Een van de meest gekende conclusies van het wetenschappelijk onderzoek over het klimaat is dat de huidige klimaatverandering een gevolg is van de menselijke activiteit. De bewijslast is gewoon overweldigend. Een tweede is dat de CO2-uitstoot drastisch moet verminderen om de opwarming van de aarde onder de twee graden te houden. Ten derde nemen de gevolgen van de klimaatverandering disproportioneel toe naarmate de gemiddelde temperatuur meer stijgt.”

Prognose tot 2500 op basis van CO2-uitstoot van 1870 tot nu, met drie scenario's: business as usual, standstill en drastisch ingrijpen
Prognose tot 2500 op basis van CO2-uitstoot van 1870 tot nu, met drie scenario’s: business as usual, standstill en drastisch ingrijpen (klik op grafiek voor groter beeld)

“Het wetenschappelijk onderzoek heeft tot zeer duidelijke prognoses geleid. Op deze tabel (zie foto boven en tabel hiernaast) kan je de vergelijking zien tussen ‘business as usual’ (blijvende groei CO2-uitstoot aan de bovenkant), ‘standstill’ (in het midden, geen toename CO2-uitstoot maar ook geen afname) en ‘drastische maatregelen’ aan de onderkant. Om onder de grens van 2 graden (zie temperatuurschaal op vertikale lijn) te blijven is volledige transitie naar een koolstofvrije economie nog deze eeuw nodig.”

“Je mag niet vergeten, twee graden lijkt niet zoveel, maar dat is slechts een gemiddeld cijfer. Het betekent helemaal niet dat de temperatuur overal net twee graden gaat stijgen en dit gedurende elke dag van het jaar. Er kunnen grote verschillen zijn tussen dag en nacht, verschillen ook over de seizoenen, van streek tot streek, van werelddeel tot werelddeel. Landen aan zee, zullen met heel andere gevolgen te maken krijgen dan berggebieden, enzovoort.”

“De opwarming heeft ook gevolgen voor de natuur, voor de planten en dieren, voor de biodiversiteit. Er gaan over heel de wereld meer overstromingen zijn én veel meer hittegolven. Die overstromingen en hittegolven zullen talrijker voorkomen en extremer zijn. Hetzelfde voor stormweer”.

Noordpool zonder ijs

“Het punt komt dat de Noordpool volledig gesmolten zal zijn in de zomer en niet meer helemaal dichtvriest in de winter. Dat heeft een versterkend effect. IJs smelt door de opwarming van water en lucht. IJs is wit en weerkaatst het zonlicht. Water slaat daarentegen de zonnewarmte op. Door de afwezigheid van ijsoppervlakte op het water gaat dus op zijn beurt de aarde sneller opwarmen, waardoor nog meer ijs nog sneller gaat smelten, tot er geen zee-ijs meer is.”

“Die fenomenen bestuderen wij. Wetenschappelijke resultaten worden ook niet zomaar lukraak gepubliceerd. We gaan daarbij niet over een nacht ijs, met excuus voor de nogal evidente woordspeling. Resultaten worden dubbelgetoetst, publicatie gebeurt pas na ‘peer review‘, dat betekent controle door collega-experten van onze resultaten én van de methodes die we hebben gebruikt.”

Het kan nog altijd

“We staan voor een keuze: onze uitstoot reduceren om de toekomstige opwarming te beperken of gewoon verder doen en ons verwachten aan al de fenomenen die de wetenschap beschrijft. Wij wetenschappers doen ons deel.”

“Het is aan de beleidsvoerders om daar iets mee te doen. Het is aan de bevolking om hen daartoe aan te zetten. Het kan wel degelijk nog altijd.”

Artikel oorspronkelijk verschenen in DeWereldMorgen.be.