Israël blijft heropbouw Palestina vernietigen

FacebooktwitterFacebooktwitter

Op 29 september 2014 hebben bulldozers op de door het Israëlisch leger bezette Westelijke Jordaanoever een elektriciteitsnetwerk, gebouwd met Belgische middelen, vernietigd. Het voorzag 250 Palestijnse mensen van de levensnoodzakelijke elektriciteit voor het bewaren van hun kaas en yoghurt, hun enige bron van inkomsten.

(foto oxfamsol.be)

(foto oxfamsol.be)

(foto oxfamsol.be)

(foto oxfamsol.be)

(foto oxfamsol.be)

(foto oxfamsol.be)

Deze kleuterschool wordt eveneens met vernietiging bedreigd.

Khirbet al-Tawil is een klein dorpje op de Westelijke Jordaanoever, tussen de Palestijnse stad Aqraba en de Israëlische nederzetting Gittit. Er wonen zo’n 250 mensen. Het dorp maakt deel uit van de zogenaamde zone C.

Met zone C worden de gebieden bedoeld die nog steeds volledig onder het bestuur van het Israëlische bezettingsleger vallen. Deze Zone C omvat 60 procent van de bezette Westelijke Jordaanoever.,

In deze gebieden wordt regelmatig Palestijnse infrastructuur vernietigd onder druk van illegale Israëlische koloniale nederzettingen die zich willen uitbreiden. De Palestijnse bewoners missen daardoor cruciale kansen op sociale en economische ontwikkeling.

In 2007 heeft het Belgische Ontwikkelingsagentschap in het dorp Khirbet al-Tawil een elektriciteitsnet aangelegd om de inwoners van broodnodige stroom te voorzien. Voor het project werden de nodige bouwvergunningen aangevraagd, maar Israël weigert systematisch om die vergunningen toe te staan.

Doelbewust beleid

Deze vergunningen zijn een formele eis van het Israëlische bezettingsleger, maar missen elke internationaalrechterlijke grond. Israël heeft als bezettende militaire macht immers geen enkele bevoegdheid over de bezette gebieden.

Israël weigert meer dan 95 procent van alle aanvragen voor bouwvergunningen voor Palestijnse doeleinden. Deze zogenaamd administratieve aanpak verbergt een beleid dat er enerzijds is op gericht alle Palestijnse pogingen om een waardig sociaal en economisch leven op te bouwen in voortdurende onzekerheid te houden. Dat weerhoudt privé-investeerders er tevens van om zich aan te sluiten bij projecten die door Europese en andere ontwikelingsorganisaties worden gefinancierd.

Anderzijds heeft deze aanpak de bedoeling elke mogelijke hinderpaal voor de uitbreiding van koloniale nederzettingen uit de weg te ruimen. Ook in dit specifieke geval is de echte reden de nabijheid van een koloniale nederzetting, die niet wil dat de Palestijnse bevolking in het nabije dorpje een leefbare situatie creëert. De boodschap is dat ze beter vertrekken.

EU financiert schade van bezetting

Deze aanpak zorgt er bovendien voor dat de kosten voor de voortdurende beschadigingen in de bezette gebieden stelselmatig op de EU worden afgewimpeld. Als bezettingsmacht is Israël nochtans zelf verantwoordelijk voor het herstellen en betalen van de door de bezetting aangerichte schade.

De meeste hulporganisaties gaan daarom verder met hun projecten zonder de door Israël geëiste maar bijna nooit toegestane vergunning. Ook dit project werd zo gebouwd. Het kreeg daarom een sloopbevel, een eerste keer in 2008 en een tweede keer in maart 2014. Deze zomer volgde diplomatieke druk van het Belgische Consulaat in Oost-Jeruzalem en de Belgische ambassade in Tel Aviv. Die druk heeft niet kunnen vermijden dat het maandagochtend 29 september 2014 dan toch zover gekomen is.

“Tussen 6.15 en 8.30 uur lokale tijd vernielde het Israëlische leger de ruim 4,5 km elektrische kabel en ongeveer 70 elektriciteitsmasten. De masten werden vervolgens in stukken gezaagd om te vermijden dat ze zouden hergebruikt worden. Het hele dorp zit sindsdien zonder stroom. Herders kunnen de kaas en yoghurt die ze produceren niet meer koelen en verliezen dus meteen ook hun inkomen”, aldus de dorpsleider van Khirbet al-Tawil, Bassam Akher.

Woensdagochtend 1 oktober 2014 hebben de dorpelingen op eigen houtje geprobeerd om de verwoeste infrastructuur terug op te bouwen. Maar het Israëlische leger was meteen opnieuw ter plaatse en maakte zo een einde aan de herstelwerken.

Palestijnse dakloosheid neemt toe

Uit het Oxfam-rapport Failing To Make The Grade, bleek vorig jaar al dat Israël ondanks de sterke uitspraken van de EU gewoon verder gaat met de vernielingen. Tussen begin januari en eind augustus van 2014 zijn zelfs 10 procent méér mensen dakloos geworden door de vernielingen dan in dezelfde periode in 2013. Het gaat om 823 mensen, waarvan 448 kinderen.

Een ander Belgisch project, de speeltuin van een kleuterschooltje in het dorpje Al-Aqaba, dreigt eveneens vernield te worden. Nu ook projecten gebouwd met Belgisch belastinggeld getroffen worden, kunnen Belgische politici niet langer zwijgen, vindt Oxfam.

“Parlementaire vragen tonen telkens weer aan dat België geen echt beleid heeft om de vernielingen van onze projecten tegen te gaan. Het is hoog tijd dat de Belgische regering de vernielingen publiek veroordeelt en tegelijkertijd een schadevergoeding eist voor de opgelopen schade”, zegt Koen De Groof, beleidsmedewerker voor de Bezette Palestijnse Gebieden bij Oxfam-Solidariteit.

Het is de eerste keer dat Israël een Belgisch project afbreekt. Oxfam, dat de vernielingen op de voet volgt, vraagt de Belgische regering met aandrang om de acties van het Israëlisch bezettingsleger in Palestina publiek te veroordelen en schadevergoeding te eisen.

Artikel oorspronkelijk verschenen in DeWereldMorgen.be.